Als de dood voor Toren C-taferelen

Blendle Klubblad

In aanloop naar ons vijfjarig jubileum, geven we je vijf zondagen een kijkje achter de schermen bij Blendle. Vandaag: het ‘schoolreisje’. Hoe zorgt Blendle dat de medewerkers geen vastgeroeste kantoorklerken worden?

Zeven mannen in een hok; werken op laptopjes totdat je toch écht iets moet eten, samen aan de bezorgmaaltijd, een potje Fifa op de Playstation bij wijze van dessert, en daarna nog even verder werken op de laptops. Laat naar huis – maar wat zou het. Zo zagen de werkdagen eruit, vertelt backend developer Koen Bollen (32). Er was geen HR-afdeling, geen kantine, laat staan een chief happiness officer. Blendle heette nog niet eens Blendle. Het was zoals het voelde: met een groep vrienden aan een projectje werken.

Vijf jaar later werken er ruim negentig mensen bij Blendle – een groep zo groot dat er door een heuse feestcommissie twee keer per jaar iets (een ‘schoolreisje’, een ‘circusfeest’) wordt georganiseerd om elkaar beter te leren kennen. Voor Bollen is het zijn laatste keer. “Vijf jaar lang werkte ik zestig uur per week aan Blendle. Met heel veel liefde”, haast hij zich erbij te zeggen.

 

“Maar ik heb weer zin in eigen projecten.” Hij had nog een tijdje geprobeerd zijn eigen gamestudio ‘ernaast’ te doen. “Maar ik merkte dat ik na mijn werkuren voor Blendle al mijn creatieve energie had opgebruikt.” Met een knikje naar zijn collega’s, vandaag allemaal bij elkaar: “Maar zeker deze groep gave mensen ga ik zo missen.”

Er is een mobiele koffiebar inclusief barista, croissants en brownies; de feestcommissieleden lopen rond met indrukwekkende draaiboeken en zelfs een portofoon. Programma-onderdeel één: in groepjes moeten de medewerkers houten Blendle-logo’s versieren, waarmee ze in de binnenstad van Utrecht op de foto moeten. Via sms – jawel – kregen de medewerkers hun groepsnummer te horen. In opperste concentratie verft ios developer Alem Utemissov (27) de Kazachstaanse vlag op een het logo, vlak naast de vlag brengt clipper Lola Ribbink (21) een grote hoeveelheid glitters aan. Utemissov woonde een paar maanden geleden nog in Kazachstan, en hoewel hij van de meeste collega’s de naam niet eens kent, heeft hij het gevoel in een ‘family’ te zijn beland. “Ze vragen hier zelfs hoe het met je vrouw gaat! Het voelt heel close. In Kazachstan zouden mensen nooit zomaar op hun nieuwe collega afstappen.” Maar wat hij hem nog het meest is opgevallen: “Mensen vertellen hier zomaar hun mening. Ook mijn mening doet ertoe.” Mind changing noemt hij dat inzicht, al gaat het hem nog niet bepaald makkelijk af om ongevraagd zijn zegje te doen.

21 kilometer papier

Na de knutselsessie wordt het hele gezelschap uitgezwaaid door Fahima, die niet met haar achternaam op internet wil. “Geniet van alles!”, roept ze terwijl de groep zich richting bus begeeft. Fahima werkt al twee jaar in het kantoor op Hoog Catharijne als schoonmaakster, en bereidt ook de gezamenlijke lunches voor. Wat men precies doet achter die laptops is haar niet helemaal duidelijk, maar wat ze zeker weet: “Netjes en lief. Ze zijn allemaal lief”, zegt ze met een stralende glimlach.

Even later staan de jonge Blendle-medewerkers in de drukkerij van de Persgroep tegenover de gepensioneerde Ton Wolke (74). Dertig jaar werkte Wolke voor de drukkerij, nu geeft hij rondleidingen langs de enorme hoeveelheden rollen papier – 21 kilometer per rol – en de machtige machines die miljoenen kranten per week uitspugen. De Blendle-medewerkers weten dat niemand van hun generatie het nog in z’n hoofd haalt een abonnement te nemen op een papieren krant, toch is de magie van deze plek er voor hen niet minder om. “Hier werken wij iedere dag mee, toch hadden we dit nog nooit gezien”, bedankt Klöpping na afloop de rondleiders. Hij klinkt oprecht enthousiast als hij zegt: “Je ademt de historie hier!” Wolke en collega’s knikken trots, maar ergens in de Blendle-groep klinkt een zacht gegnuif. Een enkeling ontgaat de tragiek niet.

Zo veel vakantie als je wil

Vraag medewerkers waarom ze bij Blendle werken, en velen noemen het contrast met andere, oude bedrijven om hun punt te verduidelijken. Zoals redactielid Cas Reijnders (28). Een jaar geleden werkte hij nog op de redactie van een regionale krant. “Daar zaten mensen op de redactie die er nog rustig tien jaar zouden blijven zitten. Maar ik wilde een bedrijf dat vooruit wil. Het duurde daar alleen al een paar weken voordat ik een eigen account had – dat zegt alles”, vertelt hij. “Hier gaat alles juist heel snel. Besluit je met je team dat een feature niet goed werkt, dan gooi je hem dezelfde dag uit de app.”

Of neem Bob Brinkman (24), freelance producer van Blendle Audio. Tijdens zijn stage bij de radio-omroep leerde hij “een hele hoop, maar vooral wat het betekent als iemand je baas is”, zegt hij. “Bij Blende ontdekte ik ineens dat je als beginnende freelancer je eigen stem kan hebben.” Letterlijk, Brinkman schrijft zelf de aanbevelingsteksten bij de artikelen en spreekt ze vervolgens zelf in.

Wat backend developer Niels Stevens (30) betreft, zit het hem in de vrijheid die hij bij Blendle krijgt. “Die vind je nergens anders”, zegt hij stellig. Stevens wil niet arrogant doen, maar hij zou ergens anders veel meer kunnen verdienen. Toch werkt hij al drie en een half jaar voor Blendle een eeuwigheid voor startupbegrippen. “Het voelt hier zelfs alsof je eigen baas bent.” In België, waar Stevens woont, is het bijvoorbeeld uit den boze om thuis te werken. “Belachelijk, want eigenlijk zegt een werkgever dan: ik vertrouw jou niet.” Bij Blendle werkt hij vaker thuis dan op kantoor en mag hij zelf bepalen hoeveel vakantiedagen hij opneemt. De vrijheid is groot, de verantwoordelijkheid ook. “Jullie staan zelfs ’s nachts stand by. Dat noem ik nou ultiem hart voor de zaak”, zegt Stevens’ frontend collega Boy van Amstel (34). “Als ze dan naar een feestje gaan, kunnen ze eigenlijk niet drinken. Gaat het alarm, dan moeten ze desnoods de hele nacht achter hun laptop om de problemen op te lossen”, legt van Amstel uit. Stevens, nuchter: “Als de site uit de lucht is, moet iemand het fixen toch? Het gebeurt niet meer zo vaak, vroeger was het twee tot drie keer per week raak”, zegt Stevens. “Vond mijn vriendin niet zo leuk.”

Grazende Shetlandpony op kantoor

Blendle heeft een saladebar, een ziekteverzuimbeleid, ingewikkelde feedbackmatrices om elkaar te beoordelen – heel echt allemaal. Maar o wee als Blendle een ‘bedrijf-bedrijf’ zou worden, waarschuwen medewerkers. Om zich daarvoor te behoeden wordt bijna alles bedekt met een laagje ironie. Het zit hem in de details. Blendle zou bij een bedrijfsuitje nooit zomaar in een bus naar een drukkerij en daarna naar een museum rijden – stél je voor. In de bus moeten de medewerkers op z’n minst tot vervelens toe naar filmpjes van vliegtuigveiligheidsinstructies kijken waarin lustig kattenfilmpjes, Blendle-uitingen en andere inside jokes zijn gemonteerd. In een vorig uitje ging Blendle niet naar het lasergamen, maar werd het hele kantoor omgebouwd tot lasergame-arena. Een echte Shetlandpony in een hoekje van het kantoor laten grazen omdat het thema Wild West is? Waarom niet.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

 

Er heerst een zekere angst voor Toren C-taferelen, geeft data-analist Mathieu Heruer (26) toe, één van de vijf leden van de feestcommissie. “Daarom vergroten we die typische kantoordingen expres uit. We moesten bijvoorbeeld verplicht bedrijfshulpverleners aanstellen. Daar maken we dan echt een gedoe van. We hingen overal verbanddozen op, en gele hesjes met groot ‘BHV’ erop. In een uitgebreide e-mail wezen we iedereen op de nooduitgangen. Je moet een beetje de draak steken met dat soort dingen.”

Samen met collega Jeroen Amelsbeek (28) bedenkt Heruer dat er raadsels op de wc-deuren moeten, en dat er op de mannentoilet 24/7 veiligheidsinstructies uit een speaker moeten klinken. Ze reiken prijzen uit als volleerde showmasters, struinen Marktplaats af voor gadgets zoals een Rad van Fortuin dat ooit door een hobbyist voor de koning is gemaakt. “Inmiddels stelt niemand er meer vragen over. Als mensen de absurditeit van een situatie inzien, denken ze nu soms zelfs dat wij erachter zitten terwijl dat helemaal niet het geval is.” Wat al die grapjes, gif-jes en filmpjes opleveren? “Gegrinnik. Doorlopend plezier, hoop ik.”

Zijn al die leukigheidjes er niet juist om te zorgen dat iedereen extra hard werkt? Redactielid Cas Reijnders denkt even na. “Ik weet niet of dat het gevolg is. Er wordt wel op gehamerd dat je hier naar je zin moet hebben. Misschien vind ik het dan inderdaad minder erg als ik wat langer doorwerk dan de bedoeling was”, zegt hij. “Maar er wordt ook op je gelet hoor. Om de week hebben we gesprekken over waar we tegenaan lopen.” De werknemers moeten bovendien eigen doelen opstellen. Reijnders: “Het hoeft niet eens over het werk zelf te gaan. Ik wil bijvoorbeeld meer mensen leren kennen bij Blendle en daarin zelf initiatief nemen. Daarom organiseer ik volgende maand een Fifa-toernooi hier. We hebben Playstations op kantoor, maar daar speelt nooit iemand op. Ik heb gehoord dat ze dat vroeger wél deden.”

Hoe Blendle de podcastwereld gaat veroveren

Blendle Klubblad

In aanloop naar ons vijfjarig jubileum, geven we je vijf zondagen een kijkje achter de schermen bij Blendle. Vandaag: de podcastplannen. Luisteren wordt de gouden standaard bij Blendle.

 

Jos Kuijer
Foto: Dalessi Fotografie

Jos Kuijer (64) dacht dat audio zijn langste tijd wel gehad had. Ooit begonnen als nieuwslezer bij Radio Noordzee – één week op, één week af, vier mijl van de kust omdat commerciële radio begin jaren ’70 nog niet was toegestaan – had hij jarenlang als sportverslaggever en presentator trouwe luisteraars toegesproken. Maar de afgelopen vijftien jaar zag hij het bergafwaarts gaan: luistercijfers kelderden, de verdiensten trouwens ook. Ieder uur een nieuwsbulletin uitspreken, soms letterlijk dezelfde tekst als een uur geleden – misschien was het niet meer van deze tijd, dacht hij.

Maar kijk hem zitten, in het Blendle-kantoor waar alle andere medewerkers zo’n veertig jaar jonger zijn. Drie keer per week schuift hij hier achter de microfoon, opnieuw om journalistiek naar de luisteraars te brengen. “Ik was echt verbaasd dat audio weer populair werd”, zegt hij met zijn kenmerkende zware stem.

Voor Blendle-baas Alexander Klöpping (32) is het heel logisch. “Als mensen hun krantenabonnement opzeggen, is ‘geen tijd’ de meest gehoorde reden. Maar wat blijkt: ze hebben wél tijd om te luisteren.” Wat begon als een uitprobeersel, een extra service, groeide zo uit tot de nieuwe bedrijfsstrategie van Blendle: audio. Of laten we het podcast noemen, de weinig sexy naam waarmee ‘audio on demand’ doorgaans wordt aangeduid. Zo spannend, nieuw en onontgonnen als het voor Jos Kuijer moet hebben gevoeld als piraat-radiomaker op zee, zo ongeveer voelt het nu voor Klöpping. Nee, stérker nog. “Het is een totaal onontgonnen gebied, en je voelt aan alles: we staan aan het begin van iets heel groots. Ik denk dat nog veel meer mensen gaan luisteren dan er nu doen. Dit is een waanzinnige kans voor journalisten!”

De duivel
Klöpping ziet zoveel mogelijkheden dat hij er onrustig van wordt. “Om te beginnen kun je niet vinden wat je zoekt. Podcasts doorzoeken voelt als het web vóórdat Google er was.” Zoiets vindt Klöpping dus ‘bizar’. Spotify weet met ‘Discover Weekly’ toch ook haast angstaanjagend nauwkeurig te vertellen welke nummers je leuk gaat vinden? Waarom is zoiets er niet voor podcasts? “Dat is toevallig precies wat Blendle al doet voor artikelen”, zegt Klöpping grijzend. “We bevelen je de verhalen aan die aansluiten bij je voorkeuren en behoeften.” Toegegeven, ook op Twitter, Facebook, Google News, Apple News worden gebruikers gewezen op artikelen die mogelijk interessant voor hen zijn om te lezen. “Maar waar ga je heen als je voor jou relevante dingen zoekt om te ​luisteren?” ​Triomfantelijk: “Daar is een veel groter gat te vullen.”

Ondertussen ziet Klöpping voor zijn neus gebeuren hoe met podcasts ‘precies dezelfde fouten worden gemaakt als met kranten in de jaren ’90’ – ook dat maakt hem onrustig. “Ze gooien alles gewoon gratis online!” Met andere woorden: de inkomsten moeten uit advertenties komen. Het bizarre is volgens Klöpping dat ‘gratis’ bij podcasts nu de enige optie is – op enkele uitzonderingen na die wat proberen met donaties. “Maar ik denk dat ​juist​ voor podcasts mensen in hoge mate bereid zijn te betalen. Waarom proberen we dat niet eerst uit, in plaats van die mensen nu gratis spullen uit te delen? En dan zeker straks als het te laat is ineens proberen alsnog een betaalmodel in te voeren? Waaróm mensen, waaróm?”

Alexander Klöpping
Foto: Dalessi Fotografie

Zelf werkt Klöpping er met zijn eigen podcast overigens – bij gebrek aan andere opties – aan mee. Dat wil zeggen: hij laat zijn vriend Ernst Jan Pfauth het vuile werk opknappen. Voorafgaand aan het uur ‘geouwehoer over media’ waaruit hun podcast bestaat, krijgen luisteraars een door Pfauth voorgelezen tekst te horen waarin hij ze namens KPN vraagt of ze een of andere

ondernemerscheck al hebben gedaan. Klöpping: “De meest ongemakkelijke tekst op aarde! Natuurlijk hypertwijfelachtig dat Ernst dat opleest.” Maar ja, een ‘host read ad’ betaalt nu eenmaal beter. “Zelf zou ik zoiets ​never​ nooit voorlezen. Het is een knieval om geld te verdienen: je verpakt een advertentie als iets wat objectief is. Advertenties zijn de duivel. Die gaan in de kern niet samen met journalistiek. Iedereen die zegt dat dat wel zo is, die liegt of is gek.”

Blendle, voor al je audio (behalve muziek)
Genoeg getierd, tijd voor actie. Want voor al die tekortkomingen kan Blendle uitkomst bieden, meent Klöpping. Zijn toekomstbeeld: “Je gaat naar buiten, je doet je oortjes in, en bedenkt: wil ik muziek, of geen muziek? Als ‘geen muziek’ het antwoord is, open je de Blendle-app. Omdat je zeker weet dat je daar álles kunt luisteren wat voor jou op dat moment relevant is.”

De eerste stappen daartoe nam Blendle al meer dan een jaar geleden, met de introductie van Blendle Audio, dat achteraf beter Blendle Podcast had kunnen heten. De ‘audio-afdeling’ begon met een redacteur in een slecht geïsoleerd belhok die artikelen insprak in een opname-apparaatje, en groeide binnen ​no time​ uit tot een professionele audiostudio met een klein legertje studenten Journalistiek als ‘nieuwslezers’. ‘Jong en fris’ moest het stemgeluid van Blendle klinken, maar al gauw constateerde de redactie dat enige radio-ervaring toch ook best handig is.

Jos Kuijer, de ex-piraat-radiomaker, had zelf zijn diensten aangeboden. In een kritische beschouwing over Blendle Audio had hij de woorden ‘gravitas’ en ‘autoriteit’ voorbij zien komen, althans het gebrek daaraan, en Kuijer had zichzelf geroepen gevoeld. Met zijn lage stem kwam hij de toon verzwaren. De andere stemmen zagen hem streepjes zetten in de tekst voor de juiste ademhalingsmomenten, hij leerde ze trucjes om niet te struikelen over de woorden. Toch was ook voor hem het werk deels nieuw: “Deze teksten zijn oorspronkelijk bedoeld om te lezen, niet om te luisteren”, zegt hij in de enigszins benauwde opnamestudio, net klaar met het voorlezen van een stuk over babyfotografie. “Dat is wezenlijk anders dan bij radio. Het is daarom extra belangrijk dat de voorlezer een eigen dimensie toevoegt. Versnellen, vertragen, soms een pesterig toontje – het is noodzakelijk om de luisteraar erbij te houden.”

Verhaaltje voor het slapengaan
Blendle stelde een ochtendshow samen met ‘alles wat je nodig hebt voor een goed begin van de dag’, een middagshow met verhalen om bij ‘uit te puffen’, en sinds kort is er ook ‘Blendle Bedtime Stories’ met een feelgoodverhaal voor het slapengaan – allemaal bedoeld om de luisteraars, die letterlijk bij hun naam worden aangesproken, precies dát aan te reiken waar zij op dat moment van de dag behoefte aan hebben. Het moet nog veel persoonlijker, zegt Klöpping. “De volgende stap is een podcast met verhalen over een onderwerp naar jouw keuze.”

Opvallend genoeg vinden de uitgevers het geen probleem dat Blendle – met hún materiaal – audio-experimenten uitvoert. De rol van Blendle als samensteller van pakketten bleek in het verleden een gevoelig puntje: het was de voornaamste reden dat NRC besloot met Blendle te stoppen. Maar in het geval van Blendles audioproducties blijken uitgevers zich minder zorgen te maken. “Zij zien audio niet als hun primaire product, dus krijgen we ineens veel meer vrijheid”, vertelt Klöpping.

En waarom zou Blendle het dan houden bij enkel een voorleesstem? “Als de uitgevers dat willen, kunnen we die audioverhalen nog veel rijker maken, bijvoorbeeld met stukjes interview die de journalist heeft opgenomen, en geluidsfragmenten van de locatie. Ik hoop dat journalisten op den duur zelf naar Blendle toekomen met hun audioverhaal, of met de vraag hoe we samen de beste audioversie van hun verhaal kunnen maken.”

Ziel verkopen

Als Blendle hét platform voor podcast wil worden, lukt dat natuurlijk niet door enkel krantenartikelen naar audio te vertalen. Klöpping: “Dat is nou het mooie van podcasts: ze zijn van niemand. Iedere podcast die ooit is gemaakt, kunnen wij dus op Blendle laten horen.” Precies dat is Klöpping van plan. “Ik ben ervan overtuigd dat podcastluisteraars veel relevantere dingen zouden kunnen luisteren als ze dat via Blendle doen. In eerste instantie neem je het Blendle-abonnement natuurlijk voor de artikelen, al die andere podcasts krijg je er dan gratis bij. Onze voorsprong ten opzichte van andere podcastsplatforms is dat we iedere dag opnieuw duizenden goeie verhalen krijgen van uitgevers én dat we al een abonnementsstructuur hebben.”

Op den duur wil Blendle daarnaast exclusieve podcasts gaan aanbieden. “Podcastmakers kunnen ervoor kiezen hun programma niet gratis online te gooien, maar alleen via Blendle aan te bieden. Dan betalen wij ze vanuit het abonnement, net zoals we dat nu al doen met uitgevers, en hoeven ze niet hun ziel te verkopen aan adverteerders.” Hij gaat nog maar eens verzitten, alsof de onrust hem letterlijk parten speelt. “Ons doel is echt niet een podcastproductiebedrijf te worden, maar ik wil dat vliegwiel gewoon starten. Als uitgevers het niet doen, dan doen wij het wel.”

‘Hé hallo! Wij zijn er ook nog met onze principes!’

Blendle Klubblad

In aanloop naar ons vijfjarig jubileum, geven we je vijf zondagen een kijkje achter de schermen bij Blendle. Vandaag: hoe maken we je nieuwsbrief? Over samenwerking en strijd tussen mens, machine en de mysterieuze Nelson.

Ze zijn de poortwachters van je ochtendnieuws en ze zijn met z’n elven. Anne, Georgia, Tjeerd, Anouk, Anna, Bram, Cas, Thijs, Kim, Heleen, Laurens – soms versterkt door de mysterieuze Nelson, waarover later meer. Ze hebben een streng deurbeleid. Ze lezen – in ploegen – zo ongeveer de klok rond, vooral avonds en ’s nachts wanneer de kranten van de volgende dag bij hen zijn binnengekomen. Als zij een artikel prut vinden, zul jij dat verhaal nooit onder ogen krijgen in de nieuwsbrief.

Twee keer per dag vergaderen ze erover, niet zelden mondt zo’n overleg uit in verhitte discussies. Met een argument als ‘het gaat over Uber, dat vindt iedereen nou eenmaal leuk’ kom je niet weg, verzekert (eind)redacteur Kim Einder (29). “Je moet de rest echt met inhoudelijke argumenten overtuigen dat het een vet verhaal is.” 

Wesley en Yolanthe

Ze kiezen er vijftig per dag, die noemen ze ‘picks’. Een paar daarvan worden uitverkoren tot must reads. “Soms moet iedereen gewoon iets lezen over Trump of Syrië”, zegt Einder stellig. “Omdat dat belangrijk is.” Zo kan het gebeuren dat ze je een mail sturen met de aansporing: ‘Doe eens gek en lees wél iets over de waterschappen.’ De poortwachters weten heus wel dat het onderwerp de lezers geen klap interesseert, schrijven ze onderaan in de mail, maar met de waterschapsverkiezingen voor de deur willen ze de lezers ‘een klein beetje opvoeden’.

Subjectief? “We proberen neutraal te zijn. We leggen onze mening niet op, maar we willen wél een democratie die goed functioneert. Daar heb je goede journalistiek voor nodig”, legt Einder uit. Eens in de zoveel tijd keert weer het commentaar terug dat Blendle te links (en te wit) zou zijn. “Het makkelijkste tegenargument luidt: Kijk wat de media schrijven. De meeste zijn niet bepaald pro-Trump en pro-Brexit.” Toch doen de redactieleden hun best ook tegengeluid te ‘picken’. “Elsevier had bijvoorbeeld een opiniestuk tegen klimaatspijbelaars. Een heel zuur verhaal, maar wel goed onderbouwd. Het maakt dan niet uit dat Kim Einder het toevallig fantastisch vindt wat die kinderen allemaal hebben opgezet. Zo’n Elsevierverhaal komt juist in de nieuwsbrief.”

Om door de redactie ‘gepickt’ te worden moet een artikel dus goede journalistiek bevatten – een uiterst kritisch interview, een doorwrocht onderzoek, een heldere analyse. “Maar we kiezen ook artikelen die journalistiek niet zo sterk zijn, maar wél heel opvallend”, zegt Einder. “Een verkrachter die samen met zijn slachtoffer een boek schrijft. Dat je denkt: what the fuck.” Tot slot zoekt de redactie naar artikelen die herkenbaar of gewoon ‘lekker’ zijn. “Entertainment, ja. Uiteraard pick ik een verhaal over de scheiding van Wesley en Yolanthe. Maar dan wel het allerbeste stuk hè!” Einder grinnikt. “Voor zover dat kan uit de roddelbladen.”

De must reads krijgt iedere Blendle-gebruiker voorgeschoteld – gemiddeld een stuk of vier per dag, maar in theorie kunnen het er ook twaalf zijn of slechts één. De overige ‘gepickte’ artikelen belanden in een poule. Tot zover de macht van het elfkoppige uitsmijtersteam.

De machine beslist

Daarna is het aan die andere macht: het Algoritme, ook wel bekend als ‘Het Systeem’ (en vroeger, niemand weet waarom, noemde iedereen het Kevin). Het Systeem kiest per gebruiker de best passende artikelen uit de poule: je vriendin krijgt dus een andere selectie voorgeschoteld dan jij. Om te berekenen hoe goed een artikel bij je past, kijkt het algoritme naar je leesgedrag, vertelt Jasper Oosterman (33), één van de datawetenschappers achter Het Systeem. Blendle onthoudt op welke artikelen je klikt: welke onderwerpen je vaak leest, uit welke krant, van welke auteur. Op die voorkeuren stemt het Systeem de selectie uit de poule af. “We nemen ook mee wat gebruikers niet willen. Als ze bij een column van Sylvia Witteman vaak drukken op de ‘dit is niets voor mij’-knop, berekent het Systeem de volgende keer een lagere score bij zo’n gepickte column”, legt Oosterman uit.

Om de artikelen te kunnen matchen met de gebruikers, moet het Systeem niet alleen de voorkeuren van de gebruikers kennen, maar ook de kenmerken van de artikelen. Daarom hangt ‘ie  labels aan alle 1500 artikelen die dagelijks voorbijkomen. Zo’n label bevat bijvoorbeeld de auteursnaam, of de lengte van een artikel, maar ook ingewikkelder zaken zoals genre of onderwerp. “Het systeem weet zoiets niet uit zichzelf. We moeten hem leren te bedenken waar een artikel bijvoorbeeld over gaat”, zegt Oosterman. De redactieleden helpen het Systeem daarbij. Einder tegen Oosterman: “Hoe goed het systeem ook is – complimenten – de redactie moet een hoop corrigeren. Hij vindt het bijvoorbeeld lastig om hoofdonderwerpen van bijzaken te onderscheiden.”

Maar ook medewerkers van vlees en bloed hebben zo hun beperkingen. “Tijdgebrek”, zegt Oosterman. “Ik durf er mijn hand voor in het vuur te steken dat de redactie dagelijks zo’n tweehonderd verhalen mist die wél heel interessant zijn.” Daarom leert het algoritme nu de keuzes van de redactie na te bootsen. “Sinds kort brengen we iedere week een mini-editie uit: drie oude, tijdloze artikelen over één onderwerp, bijvoorbeeld jaloezie. Die stukken vist het algoritme zélf uit ons archief van zo’n 10 miljoen artikelen – alles wat sinds 2014 is verschenen.” Ook in dit geval controleert de redactie het Systeem: dat het niet drie verhalen zijn over omgaan met een jaloerse ex, bijvoorbeeld. “Wel super coherent!”, zegt Oosterman triomfantelijk. Einder, droog: “Tegenwoordig is ‘ie er wat beter in, maar het was een hele bevalling.”

Een mooie samenwerking tussen mens en machine – of is ‘strijd’ een betere benaming? “We zien ze niet als de vijand, nee”, zegt Einder met een knikje naar Oosterman. “Maar soms vraag je je wel af wat die gasten aan het doen zijn. Dan horen wij op de redactie dat er weer iets is geautomatiseerd: ‘Hé, hallo! Wij zijn er ook nog met onze journalistieke principes!” Zo was er het ‘experimentje’ om een aantal nieuwsbriefartikelen niet door de redactie, maar rechtstreeks door het Systeem te laten kiezen. “Het ging een paar keer goed”, zegt Oosterman voorzichtig. Einder: “Het was geen succes.” Oosterman: “Het ging dus ook wel eens mis. Dan stonden er slechte artikelen in de nieuwsbrief. De redactieleden waren het daar totaal niet mee eens, maar hun namen stonden onderaan die brief.” Met een stralende glimlach: “Dat was niet zo goed voor de relatie tussen data en redactie.”

Nelson op het nachtkastje

Inmiddels is alles weer koek en ei tussen mens en machine. De poortwachters van vlees en bloed hebben weer het alleenrecht over het picks. “Het is grappig”, zegt Einder tegen Oosterman. “Wij vinden ons werk onmisbaar, en jullie vinden dat ook van jullie werk. Maar we kunnen ook niet zonder elkaar. Zonder jullie zouden wij maar één standaard nieuwsbrief kunnen maken, we zouden niet kunnen personaliseren. En jullie zouden nergens zijn zonder redactieleden die de artikelen uitkiezen.” Ook niet als het Systeem nog een tijdje doorleert en heel slim wordt? Einder, resoluut: “Nee, want dan heb je geen verrassingsfactor meer.” Oosterman knikt. “Op basis van de data zou het Systeem nooit een waterschapsverhaal kiezen, want hij weet dat er op dat onderwerp niet geklikt wordt. Ook een Wes&Yo-artikel zou er bij het Systeem niet door komen, want hij heeft van de redacteuren geleerd dat dat geen serieuze journalistiek is.”

Vandaar dus al die namen onderaan de nieuwsbrief: allemaal van redactieleden van vlees en bloed. En soms van Nelson de Nokia. “Dat is de paniektelefoon van de redactie die per toerbeurt bij één van ons op het nachtkastje ligt”, vertelt Einder. “De redactie zet ’s nachts de nieuwsbrief al grotendeels klaar, één redactielid staat om vijf uur ’s ochtends op om hem af te ronden en op de verzend-knop te drukken. Maar soms gaat er wat fout: een krant verschijnt bijvoorbeeld ineens niet in Blendle. Dan is er paniek, en bel je naar Nelson de Nokia. Degene met de Nelson pakt dan in alle vroegte zijn laptop in bed en helpt mee. ‘Nelson’ onderaan de nieuwsbrief betekent: Shit hit the fan, maar we hebben het samen toch maar weer gefixt. Hier is ook vandaag gewoon weer je nieuwsbrief.” 

Een ode aan de mislukkingen

Blendle KlubbladIn aanloop naar ons vijfjarig jubileum, geven we je vijf zondagen een kijkje achter de schermen bij Blendle. Vandaag: een ode aan de mislukkingen. Briljante ideeën die roemloos ten onder gingen.

Bijna vijf jaar lang gooide Blendle aan de lopende band dingen tegen de muur, en keek wat er bleef plakken. Als het plakt, kan het razendsnel gaan: iemand spreekt een artikeltje in, en voor je het weet wordt er een heuse audio-afdeling opgetuigd, compleet met professionele geluidsstudio’s.

Maar wat er in die vijf jaar langs de muur naar beneden droop, belandt roemloos op het kerkhof der mislukte experimenten. Máánden werk waar geen hond meer naar omkijkt, briljante ideeën verbannen tot de krochten van de Macbooks. Een eerbetoon aan het experiment, aan de hand van drie gefaalde projecten.

1. Kuifje op internet

Noortje Habets (27) klikt door haar inbox, helemaal terug naar 2017 – een eeuwigheid. “Ja! Hier staat het”, wijst ze. “Is it ok for you to kill it right now?”, citeert ze zichzelf. Ze lacht hard. Met die droge zin eindigde het dus.

trendingtech

‘Project Tintin’ heette het, verwijzend naar de afkorting van ‘Trending in News’, en knipogend naar journalist en stripheld Kuifje. Kort gezegd probeerde Blendle halverwege 2017 het hele internet te cureren, zodat trending nieuws dat nog niet de kranten en tijdschriften had bereikt, wél al op Blendle te vinden was. Een nogal ambitieus idee dat moest worden teruggebracht tot experiment-proporties: alleen op Android, en alleen met nieuws over tech en economie – de twee onderwerpen die op Blendle het vaakst werden gevolgd.

 

Het idee kwam voort uit Blendles verwoede zoektocht naar manieren om de gebruiker te verleiden steeds opnieuw de app te openen, legt Habets uit, die destijds pas een paar maanden als productmanager bij Blendle werkte. “De selectie Premiumartikelen verscheen maar één keer per dag en veranderde daarna niet meer. Niet bepaald breaking. Het moest newsier, dachten we. Zo van: als je wil weten wat er is gebeurd in de wereld, open je Blendle, daar vind je alles wat je nodig hebt.”

 

De oplossing: Reddit. Habets grinnikt. “We wilden nieuws van internet Blendle binnenhalen. Daarvoor misbruikten we Reddit, want dat is een vergaarbak van gecategoriseerde artikelen, die we handig konden koppelen aan onze eigen onderwerpen.” De Blendle-gebruiker die is geïnteresseerd in ‘tech’, vond zo gedurende de dag tussen zijn Blendle-artikelen ineens allerlei andere technologische nieuwtjes. Wie erop klikte, werd meteen doorgestuurd naar de website waarnaar Reddit verwees.

Klinkt als een topidee? Habets: “Slechts 2,5 procent klikte erop.” De kwaliteit van de artikelen liet te wensen over – ‘trending’ blijkt geen synoniem voor ‘goed’ – en de selectie was vaak nogal random. Toch bleef ‘Kuifje’ nog een poosje in de lucht. “Wij stoomden gewoon verder naar het volgende project, en doorrrr. Zo ging dat wel vaker.” Totdat Habets – “na een paar weken besef je: het staat er nog steeds!” – zelf de stekker eruit trok. Niemand was er rouwig om.

 

Niet veel later deed de audioshow wat ‘Kuifje’ wilde: de gebruiker bijpraten. Ook op andere plekken in de app kan de redactie nu gedurende de dag nieuwe artikelen aanvullen. Niet met random internetnieuws, maar met stukken uit Blendle.

2. De app van een half miljoen

whitelabel2Hij wil niemand voor de borst stoten, maar zeg nou zelf: die krantenapps van een paar jaar geleden, die ‘sloegen toch nergens op’? Wil je je krant lezen op je smartphone, moet je gaan pielen met pdf’s. “Dus wij maakten een white label app: een soort generieke app die iedere krant kan gebruiken, we hoefden alleen het logo, de kleuren, en het lettertype aan te passen”, vertelt Head of Business Development Huibert Scholtens (31). Samen met een iOS- en een Androidteam werkte hij er zo’n anderhalf jaar aan.

Het was een supergoed idee, dat vindt hij nog steeds. “Het wérkte ook. Het werkte fantastisch mooi. Veel beter dan alles wat er toen aan apps beschikbaar was.” Er waren echter wat ‘details’ die Blendle op z’n zachtst gezegd had onderschat. “De meeste uitgevers hadden al een eigen app. Om de nieuwe te introduceren waren er twee opties: óf de uitgever vraagt alle gebruikers om een nieuwe app te downloaden – maar met zo’n actie raak je vaak gebruikers kwijt. Óf wij moesten de oude app van de uitgever overnemen en die updaten. Blendle zou dan toegang krijgen tot een hoop bedrijfsinformatie van de kranten.” Beide scenario’s vonden de uitgevers niet bepaald aantrekkelijk.

 

Een ander gevoelig puntje: via de app zouden de krantenabonnees automatisch Blendle-lezers worden. Ze merkten het zelf niet, maar in de app zouden ze de artikelen van hun krant voortaan via Blendle lezen. Scholtens: “Dat was precies waarom we die app maakten! Meer gebruikers voor Blendle, en een manier om uitgevers aan ons te binden. Het leek allemaal acceptabel toen we begonnen, maar toen de handtekeningen van uitgevers gezet moesten worden, bleken het show stoppers.”

 

Toch kwam de app er. Vrij Nederland had hem vier maanden lang, die van het Duitse PM-Maga-zin bestond een paar weken, de versie voor de Volkskrant was bijna af. Ondertussen kwamen de Blendle-ontwikkelaars nauwelijks nog aan Blende zelf toe, omdat er steeds nieuwe white labelklusjes opdoken. “Het project kostte te veel tijd, het had geen commercieel doel – we boden het onder de kostprijs aan – en de uitgevers zaten er niet eens op te wachten.” Blendle had er een half miljoen in geïnvesteerd, maar de enige juiste beslissing die restte, was het project de nek om te draaien, zegt Scholtens.

Eind 2016 ‘vierde’ hij samen met de ontwikkelaars de ‘begrafenis’. “Een etentje hier in Utrecht. Er werd die avond heel hard gedronken, ja”, vertelt Scholtens met een stralende glimlach. “Maar er is niks kapotgegooid ofzo, hoor.”

whitelabel

Kort daarna ging het team, acht man in totaal, een week lang in een huisje zitten om te kunnen werken aan de eigen Premium-app. Scholtens: “‘Focus’ luidt de les van dit verhaal. Er liggen nog wel twintig ideeën als het white labelproject – verleidelijk, maar het zijn bijzaken.”

3. Geef mij maar een Amsterdamse nieuwsbrief

Héél misschien kwam het doordat Jeroen Amelsbeek (28) zelf groot fan is van zijn woonplaats Amsterdam. Het experiment droeg de illustere naam Obsessions, het plan was een thematische nieuwsbrief te maken. Maar waarover? “Een onderwerp dat een grote groep aanspreekt, waarover je niet uitgesproken raakt, en waarvan zelfs de die hardfans nog niet alles al weten”, vat Head of Content Amelsbeek de criteria samen. “Amsterdam dus! Je woont er, je hebt er gewoond, of je weet waar het ligt.” Het was bovendien een veel gebezigde zoekterm op Blendle, en relatief veel gebruikers hadden een Blendle-alert van ‘Amsterdam’ ingesteld.

header

Amelsbeek had er zin in. Hij knutselde eigenhandig een logo waarin hij de drie kruisjes van het stadswapen verwerkte (“onwijs leuk dus” ), hij selecteerde een achtergrondverhaal over toeristen, een stuk over de Noord-Zuidlijn en uiteraard over Ajax, en reeg de boel aaneen met hier en daar een woordgrap. Tot slot verzon hij de servicerubriek ‘Verder binnen de Ring’ met zelf verzamelde tips over wat er te doen is in Amsterdam.

 

Eerst het goeie nieuws: de testgebruikers klikten massaal op Amelsbeeks tips – jammer alleen dat die naar websites buiten Blendle leidden. Het slechte nieuws: er was nauwelijks interesse voor de artikelen. Toch zette Amelsbeek de week erna vol goede moed samen met de redactie opnieuw een Amsterdamse brief in elkaar, waarin hij ook nog de nieuwe rubriek ‘Amsterdammer van de Week’ introduceerde. De click rate was zo mogelijk nog belabberder. “Volgens mij hadden welgeteld vijf mensen een artikel aangeklikt – en ik sluit niet uit dat ik het zelf was op verschillende computers”, vertelt Amelsbeek. “Maar de servicerubriek deed het weer fantastisch!”

 

Aldus ging de Amsterdamse brief roemloos ten onder. “Het grappige is: een paar maanden later ontstond de Blendle Boekenbrief. Daar werkt het wél. Die brief heeft nu dik achtduizend abonnees, en een heel hoge click rate. Aan dat onderwerp hadden we niet eerder gedacht, aangezien geen enkele gebruiker natuurlijk op ‘boeken’ zoekt. Boeken bleken een verborgen obsessie.”